Doordevil, the man without taste!



Doordevil, the man without taste!

Doordevil leeft mee

Arend Kaapskogel schrijft het van zich af

 





Collecteren 

Wat paranoia door de Volkskrant en het leven zelf stelde ik vorige week een daad. Ik, pappa,  ging dit jaar met de reumacollectebus langs de deur. Nee, ik wilde er niets van weten, niemand anders ging de straat op dit jaar. Het hele gezin onder de trap met een krant boven het hoofd als vader collecte liep voor de kromgegroeide medemens. De kans dat ik door een gestoorde reumacollectespotter rectaal onteerd zou worden achtte ik klein. 

Een nacht voor de collecte zat ik dronken van drank met de ijzeren reumabus in mijn handen op de bank. Geil dingetje. Mooi handvat. Hield lekker vast als je geen reuma had. Schudde ook lekker. Ik deed er wat doppinda’s bij en schudde nog eens een keer. Lekker geluid. Godverdomme als het niet waar was, ik was geboren om te collecteren voor de stram van leden. Zo zou ik mijn zoon noemen, zwoor ik. Stram van Leden Dijkshoorn. Ik ging er eens bij staan. Stond me goed, die bus. Ik oefende wat in de spiegel. “REUMA GODVERDOMME, DOVE KWARTEL, HET IS VOOR DE REUMA, HIER IN DIE GLEUF, OUDE MUTS, CENTJE CENTJE VOOR REUMA EN SNEL NU!!!” Aan mij hadden ze morgen een slechte als ze nee verkochten bedacht ik mij terwijl ik geroutineerd met de gleuf van de collectebus een flesje heineken openwipte. Ik liep nog eens langs de spiegel. Ik deed wat alle dronken mannen ooit hebben gedaan, meestal in de onderbroek met een tandenborsteltje in de linkerhand maar dit keer met de reuma bus in de aanslag. “Are you talking to me? Are you talking to me? Are you motherfucking talking to me, asshole”. 

Ja, ongelofelijk vond ik het, dat ik niet eerder was gaan collecteren. Die bus was voor mij gemaakt. Wat een leuke foto’s ook op de ijzeren rammelaar, van om de bus heengegroeide patiënten. Het was een vreselijke ziekte maar je bleef er wel vrolijk bij zag ik. Mompelend op mijn knieën, de bus gezellig tussen mijn dijen, zette ik een plaatje van Santana op. Ritmisch schudde ik de bus heen en weer op Soul Sacrifice. De Carlos Santana van nu, met de wollen wambuis op het Christushoofd en die zijn gitaar zag als een verlengstuk van zijn kleine emotionele bijhersenen daar had ik minder mee. Die wenste ik van harte een paar jaartjes reuma in zijn linkerhand of linkerhersenhelft toe. Straf voor het nummer “Maria, Maria”, die weeë drol van muziek waar oude mannen voorzichtig het gekanteld bekken op bewogen. Bij de oude Santana denderde de orgelsolo er nu in. Ik uitzinnig op 1 been met de reumabus boven mijn hoofd de keuken in. Heerlijk. Door de gleuf met mijn wang snel open en dicht te drukken ontstonden de prachtigste effecten. Ik vond als het ware een heel nieuw percussie-instrument uit, geweldig!! Wat was ik toch een creatieve vogel, evenzogoed. Snel, achter de pc, iets schrijven. Ik voelde aan alles dat er iets bijzonders stond te gebeuren. Dit was mijn nacht. Of zou ik eerst net als The Naked Chef een eerlijk recept maken met wat mijn keukenkast in petto had? 

 Waarom niet. Ik hoefde pas over vier uur  te collecteren. Slapen was voor talentloze klootzakken. Echt iets voor mij om ook werkelijk naakt te koken. Met mijn lul gezellig voor me op het aanrecht snipperde ik wat uitjes om hem heen en probeerde ik net als die scooterrijdende koknozem met mijn handen allerlei eten door elkaar te duwen. “KNOFLOOKPERS IS VOOR MIETJES" schreeuwde ik nu op volle kracht. Mijn vrouw kwam even kijken terwijl ik steunend met één voet op het keukenblok met mijn blote vuisten op de bolletjes look aanviel. “Ik kook voor de zieken, vrouw, laat me met rust, dat is beter”. 

Ik verloor opeens mijn belangstelling voor het eten. Dat zou ik morgen wel weggooien.  Schrijven, herinnerde ik mij weer. Niks op de pc, we gingen gewoon lekker romantisch achter op bankrekeningen schrijven. Een stil protest tegen de materialisatie van de wereld. Voor het eerst zou ik de door mij zo bewonderde stream of conciousness stijl beoefenen. Schrijven wat je denkt, waarom niet. Het was er de tijd voor. Geëmotioneerd  bedacht ik mij dat je met reuma eeuwig monologe kon  interieuren. Nee, nu ik nog gezond was greep ik mijn kans. Lekker leeglopen op het papier. Briljante dingen ging ik schrijven. Ik was een bevoorrecht mens. Ik voelde de bus gloeien tussen mijn benen. Ik lachte bulderend om al mijn geniale invallen. Toen moet ik buiten bewustzijn zijn geraakt. Drie uur later met schrik wakker. Ondanks de gierende hoofdpijn toch nieuwsgierig  naar het begin van mijn novelle. Teleurgesteld zag ik dat ik een groot gedeelte van de ideeënroman naast het papier had geschreven. In de hoek van onze tafel las ik : “zeventien beschuiten op wereldreis naar de buren niet vergeten netjes te vragen ach man, nou dat is toch te mad, hahahahaha waarom niet?” 

Ik kleedde mij aan en deed mijn collectejas aan. 

(wordt vervolgd)





Doordevil, the man without taste!

Dijkshoorn in het Veronica Forum

Rudeboy wordt intiem
retecool, duidelijkheid kent geen tijd